Wim Gabriels

een blog over om het even wat

Tag archief: Darwin

Johan Braeckman – Darwins Moordbekentenis

Dit boek stond al een hele tijd op mijn lijstje. Darwins Moordbekentenis – De Ontwikkeling van het Denken van Charles Darwin is van de hand van Johan Braeckman, professor wijsbegeerte aan de Universiteit Gent en Darwin-kenner par excellence.

Dit boek verscheen voor het eerst in 2001, lang vóór de stortvloed aan publicaties over Darwin die losbarstte in 2009 – het jaar van Darwins tweehonderdste verjaardag en de honderdvijftigste van zijn magnum opus On The Origin Of Species. Van die stortvloed aan publicaties heb ik er ook wel wat achter de kiezen, maar dat houdt me niet tegen verder te blijven grasduinen in de mateloos fascinerende wereld van Darwin en de evolutietheorie. En dit boek van Braeckman neemt hier een mooie plaats in.

Dat Braeckman geen bioloog is, maar een filosoof, zorgt meteen voor de aparte invalshoek die van dit boek een boeiende aanvulling maakt op de vele andere Darwin-gerelateerde publicaties die ik reeds onder ogen kreeg. Zoals de titel al aangeeft, schetst Braeckman in dit boek hoe het denken van de jonge Darwin zich geleidelijk ontwikkelt en welke factoren, zoals de tijdsgeest en de invloed van andere denkers, ertoe bijdragen dat hij zijn theorie van evolutie door natuurlijke selectie kan ontwikkelen. De mogelijkheid dat soorten geëvolueerd zijn, was namelijk niet Darwins oorspronkelijke uitgangspunt: de titel Darwins Moordbekentenis verwijst naar een passage uit een brief van Darwin uit 1844 aan zijn goede vriend Joseph Hooker, waarin hij schrijft dat zijn conclusie dat soorten niet onveranderlijk zijn, aanvoelt als een moordbekentenis.

Maar niet alleen de aanloop naar de publicatie van On The Origin Of Species wordt geschetst. Braeckman bespreekt ook de verstrekkende implicaties van Darwins theorie op ons wereldbeeld. De plaats van de mens in het universum, de verwantschap tussen soorten, het bestaan van een schepper: allemaal fundamentele vragen die door de evolutietheorie in een heel ander daglicht kwamen te staan.

Darwins Moordbekentenis is grondig onderbouwd, maar tegelijkertijd verrassend helder en toegankelijk geschreven. Voor wie meer te weten wil komen over Darwin en de evolutietheorie, en hoe cruciaal die theorie wel is voor ons denken en ons wereldbeeld, is dit bijzonder verdienstelijke boek van Johan Braeckman dus een uitstekend vertrekpunt.

Aanvulling (18/7/2013)
Darwins Moordbekentenis is niet meer in de handel verkrijgbaar, maar de uitgever stelt het gratis als pdf ter beschikking!
http://www.nieuwezijds.nl/Boek/9789057122965/Darwins-moordbekentenis/

Advertenties

Charles Darwin – The Voyage Of The Beagle

Charles Darwin is in de eerste plaats bekend omwille van On The Origin Of Species, het boek waarmee hij in 1859 een wetenschappelijke revolutie ontketende. De kiem voor Darwins ideeën over evolutie werd echter al enkele decennia eerder gelegd, door de vele indrukken die hij opdeed tijdens zijn beroemde reis met de Beagle.

Darwin was nog niet lang afgestudeerd toen hem de kans werd geboden om deel te nemen aan de tweede reis van de H.M.S. Beagle, een schip van de Britse Royal Navy. Het doel van die reis was onder meer om overzeese gebieden in kaart te brengen. Darwin zou meereizen als gast van de kapitein, Robert FitzRoy, als natuuronderzoeker van het schip. In 1831 vertrok de Beagle vanuit Engeland met de 22-jarige Darwin aan boord. De reis zou uiteindelijk net geen vijf jaar duren, en een onuitwisbare indruk nalaten op de jonge natuurvorser (het schilderij hiernaast toont Darwin op circa 31-jarige leeftijd door George Richmond).

Blogs bestonden natuurlijk nog niet, maar Darwin maakte tijdens zijn reis wel uitgebreid notities. Daaruit ontstond later een boek, dat voor het eerst verscheen in 1839. Ik las een uitgave van de tekst van de editie uit 1845. Het droeg de titel Journal Of Researches Into The Natural History And Geology Of The Countries Visited During The Voyage Of H.M.S. Beagle Round The World, maar staat tegenwoordig kortweg bekend als The Voyage Of The Beagle.

Het grootste deel van de reis speelt zich af in Zuid-Amerika, maar ook Australië, Nieuw-Zeeland en een groot aantal andere eilanden passeren de revue. Waar de Beagle ook aanmeert, doorkruist Darwin het binnenland, maakt hij kennis met de inheemse bevolking, beklimt bergen, bestudeert fauna, flora en geologie van de bezochte landen, en stuurt verzamelde fossielen en exemplaren van planten en dieren naar wetenschappers in zijn thuisland, die er een flinke kluif aan hebben.

Over Darwin zelf of zijn reisgezellen kom je weinig te weten. Hij beperkt zich in zijn relaas hoofdzakelijk tot de landschappen, planten, dieren en mensen die zijn pad kruisen. Daarbij neemt hij geen blad voor de mond: wanneer een gebied of bevolkingsgroep hem niet bevalt, schrijft hij dat ook gewoon. Maar zijn proza is op zijn mooist wanneer hij de pracht en grootsheid van het landschap beschrijft, zoals bijvoorbeeld in deze passage over de tropische vegetatie in Bahia, aan de Braziliaanse kust:

When quietly walking along the shady pathways, and admiring each successive view, I wished to find language to express my ideas. Epithet after epithet was found too weak to convey to those who have not visited the intertropical regions, the sensation of delight which the mind experiences. I have said that the plants in a hothouse fail to communicate a just idea of the vegetation, yet I must recur to it. The land is one great wild, untidy, luxuriant hothouse, made by Nature for herself, but taken possession of by man, who has studded it with gay houses and formal gardens. How great would be the desire in every admirer of nature to behold, if such were possible, the scenery of another planet! yet to every person in Europe, it may be truly said, that at the distance of only a few degrees from his native soil, the glories of another world are opened to him. In my last walk I stopped again and again to gaze on these beauties, and endeavoured to fix in my mind for ever, an impression which at the time I knew sooner or later must fail. The form of the orange-tree, the cocoa-nut, the palm, the mango, the tree-fern, the banana, will remain clear and separate; but the thousand beauties which unite these into one perfect scene must fade away; yet they will leave, like a tale heard in childhood, a picture full of indistinct, but most beautiful figures.

Darwin komt in het boek naar voor als een gedreven en scherpzinnig onderzoeker, die steeds een logische verklaring probeert te vinden voor de fenomenen die hij ziet. Zo leidt het bezoek aan een aantal koraaleilanden ertoe dat Darwin als eerste in de geschiedenis het ontstaan van de verschillende types koraaleilanden, zoals atollen, weet te verklaren.

Maar wie Darwin zegt, zegt evolutie, en dus speur je als lezer gretig naar hints over zijn ideeën op dat gebied. Over de variatie van de verschillende vinkensoorten op de Galapagoseilanden schrijft hij (in de editie van 1845, nog niet in die van 1839):

Seeing this gradation and diversity of structure in one small, intimately related group of birds, one might really fancy that from an original paucity of birds in this archipelago, one species had been taken and modified for different ends.

En zo ben je er getuige van hoe ideeën over de verwantschap der soorten langzaam maar zeker beginnen te rijpen in het hoofd van Darwin. Maar zijn evolutietheorie zou hij voorlopig nog niet met de rest van de wereld delen… tot hij een brief kreeg van een andere globetrotter: Alfred Russel Wallace. De rest is geschiedenis. Voor wie wil weten hoe het allemaal begon voor Darwin, is The Voyage Of The Beagle aanbevolen lectuur. Een fascinerend boek.

Ook On The Origin Of Species is geëvolueerd

Dit jaar is het precies honderdvijftig jaar geleden dat Darwin de eerste editie publiceerde van On The Origin Of Species. In totaal zouden er tijdens Darwins leven zes edities van het boek verschijnen, de laatste in 1872. Elke nieuwe editie bevatte wat verdere aanpassingen en toevoegingen, om allerlei misvattingen uit de weg te ruimen, of ideeën verder te onderbouwen (of ze anders te formuleren om gelovigen niet al te zeer voor het hoofd te stoten).

De volledige teksten van al die edities zijn reeds geruime tijd online beschikbaar. Maar nu gaat ene Ben Fry nog een stapje verder: hij ontwierp een fraaie webtoepassing waarin alle aanpassingen visueel worden samengebracht, getiteld The Preservation Of Favoured Traces. Een aardigheidje, meer niet, maar wel leuk.

U zal zich misschien afvragen: is het niet allemaal wat overdreven, al die aandacht voor dat ene boek? Hier is mijn antwoord: nee, want we hebben het hier over On The Origin Of Species!

Belangrijke vondst in de stamboom van de zeehond

Zeehonden, zeeleeuwen, zeeberen, walrussen worden allen tot de Pinnipedia gerekend. Men heeft lange tijd getwijfeld of de Pinnipedia wel een monofyletische groep vormen, anders gezegd, of ze een gemeenschappelijke voorouder delen waarvan alle afstammelingen ook tot de Pinnipedia behoren. Dat lijkt nogal vanzelfsprekend, maar het viel niet meteen uit te sluiten dat de voorouders van sommige soorten binnen deze groep nauwer verwant zijn aan pakweg de otter dan aan andere Pinnipedia. Maar intussen waren onderzoekers er door moleculaire en anatomische vergelijkingen toch tamelijk zeker van dat de Pinnipedia wel degelijk een samenhangende tak binnen de evolutie vormen.

De voorouders van deze zeeroofdieren moeten ooit de terugkeer van land naar zee gemaakt hebben. Lang geleden (20 à 24 miljoen jaar) moeten er dus landzoogdieren bestaan hebben die zich geleidelijk hebben aangepast aan een leven in het water, net zoals, nog véél langer geleden (een slordige 375 miljoen jaar), de eerste gewervelden vanuit het water het land gekoloniseerd hebben…

In 2007 werd op Devoneiland, in het noorden van Canada, een skelet ontdekt van een roofdier dat omstreeks 23 miljoen jaar geleden geleefd heeft. Het dier had een lange staart, en poten zoals van een landzoogdier, maar de voeten waren aangepast aan het zwemmen. Het kon zich dus zowel zwemmend als lopend voortbewegen. Deze soort vertegenwoordigt een belangrijke stap in de evolutie van de Pinnipedia. Van deze fase in de evolutie van deze groep waren tot nu toe geen fossielen bekend, wat de vondst erg waardevol maakt.

Aan de vindplaats te oordelen leefde het waarschijnlijk in zoetwater. Een impressie van hoe het dier eruit moet gezien hebben is te zien op de afbeelding (illustratie door Mark A. Klingler, Carnegie Museum of Natural History).

De soort kreeg de naam Puijila darwini. Het eerste deel van die naam verwijst naar een Inuit-woord voor een jong zeezoogdier, het tweede deel is, zoals u al kon raden, een eerbetoon aan Darwin, die al over de geleidelijke overgang van landzoogdieren naar zeezoogdieren speculeerde in On the Origin of Species.

De Canadese paleontologe Natalia Rybczynski van het Canadian Museum of Nature, die het fossiel ontdekte, publiceert deze week een artikel over de vondst in het tijdschrift Nature, in samenwerking met wetenschappers van het Carnegie Museum of Natural History en het American Museum of Natural History, New York. En zoals het moderne wetenschappers betaamt, licht ze haar vondst zelf toe in een YouTube-filmpje!

Bron:
Natalia Rybczynski, Mary R. Dawson & Richard H. Tedford (2009). A semi-aquatic Arctic mammalian carnivore from the Miocene epoch and origin of Pinnipedia. Nature 458: 1021-1024.

Darwin in de Nationale Plantentuin

Ook de Nationale Plantentuin van België, die je kunt vinden in Meise nabij Brussel, laat zich niet onbetuigd in dit Darwin-jaar. In haar digitale nieuwsbrief laat ze weten dat de Evolutiekas sinds enkele weken in een nieuw kleedje gestoken is. Daarin staat een cruciale tak van de stamboom van het leven centraal: die van de planten. Zo’n 450 miljoen jaar geleden ontstonden de eerste landplanten, en die hebben zich al die jaren vrolijk verder vermenigvuldigd tot de enorme diversiteit die we vandaag kennen: het totale aantal plantensoorten wordt geschat op zo’n 250 000. Dat kun je dus allemaal ontdekken in de Evolutiekas. En op vrijdag 1 mei gaat het Darwinparcours van start, waarin je de waarnemingen en experimenten met planten die Darwin deed, zelf nog eens kunt overdoen.

David Attenborough over Charles Darwin

Ik vermeldde hier al eens het programma dat Richard Dawkins maakte over Charles Darwin voor de Britse zender Channel 4.

Nu presenteert Sir David Attenborough, wijd en zijd geroemd om zijn natuurdocumentaires, naar aanleiding van het Darwin-jaar voor de BBC het programma Charles Darwin and the Tree of Life. In het programma zit ook het filmpje verwerkt dat gemaakt werd voor de website Tree of Life, en dat ik hier ook al eens vermeldde. Erg leuk vind ik dat het programma ook fragmenten bevat van de programma’s die Attenborough vroeger gemaakt heeft. Daardoor wordt hij af en toe, soms midden tijdens een uiteenzetting, plots enkele decennia ouder of jonger. En zo is het programma misschien een beetje onbedoeld niet alleen een hommage aan Darwin, maar ook aan dat andere monument: Sir David Attenborough.

Eerder deze week werd het programma ook al uitgezonden door Canvas, maar als je het gemist hebt, kun je het ook op YouTube bekijken. Het is opgesplitst in zes delen waarvan je het eerste hieronder ziet; na afloop ervan kun je eenvoudig doorklikken naar de volgende delen. Geniet ervan.

Charles Darwin – On The Origin Of Species

Toegegeven, ik ben een beetje laat met deze recensie. Dit boek verscheen namelijk honderdvijftig jaar geleden. Maar het belang en de blijvende invloed ervan is zo groot dat het niet vaak genoeg in de schijnwerpers gezet kan worden. Ik heb het over het belangrijkste werk van Charles Darwin, verschenen in 1859 en voluit getiteld On the origin of species by means of natural selection, or the preservation of favoured races in the struggle for life. Onlangs heb ik het dan eindelijk ook gelezen en vandaag, de tweehonderdste verjaardag van Darwin, leek me de gepaste dag om, bij wijze van eerbetoon, mijn recensie op het web los te laten.

De voorgeschiedenis van het boek is intussen welbekend. Darwin liep al jaren op zijn theorie te broeden maar uit perfectionisme en uit vrees voor conservatieve tegenkantingen kwam hij er maar niet toe erover te publiceren. Maar in 1858 ontving hij van de jonge bioloog Alfred Russel Wallace, met wie hij wel vaker correspondeerde, een brief waaruit bleek dat ze beiden onafhankelijk van elkaar tot een gelijkaardige theorie waren gekomen. Fijn, maar Darwin vreesde nu wel de verdiende erkenning mis te lopen. Als compromis werd een lezing georganiseerd van uittreksels van beider werk, op een speciale bijeenkomst van de Linnean Society of Londen op 1 juli 1858. De lezing ging echter vrijwel onopgemerkt voorbij. Maar in het jaar dat daarop volgde zou Darwin koortsachtig werken aan zijn boek, dat uiteindelijk verscheen op 24 november 1859.

Dat vandaag in de eerste plaats Darwin als de vader van de evolutieleer wordt gezien, is te danken aan On the origin of species, dat ervoor zorgde dat de idee van evolutie door natuurlijke selectie geleidelijk aan algemeen geaccepteerd zou raken. Darwin realiseerde zich bovendien, in tegenstelling tot Wallace, dat het mechanisme van natuurlijke selectie in staat was om het ontstaan van alle soorten uit een gemeenschappelijke voorouder te verklaren, met inbegrip van de mens, die dus zijn “unieke plaats” in de schepping kwijt was. Wallace wilde zover niet gaan en greep naar spirituele verklaringen om het ontstaan van het bewustzijn van de mens te verklaren. Om die twee redenen lijkt het mij, zonder afbreuk te doen aan de verdiensten van Wallace, toch acceptabel dat het in de eerste plaats Darwin is die als grondlegger van de evolutieleer gezien wordt, het fundament van de moderne biologie.

Hiernaast zie je het originele titelblad van het boek zoals het verscheen in 1859. In totaal zijn er tijdens Darwins leven zes edities verschenen, maar de tekst van de eerste wordt vandaag het vaakst gereproduceerd. Een exemplaar van die eerste editie heb ik natuurlijk niet (die zijn vandaag namelijk een klein fortuin waard), maar wel een hedendaagse uitgave van die tekst, die tevens een klein addendum uit 1861 omvat waarin Darwin een historische schets geeft van eerdere ideeën over evolutie.

Darwin was niet alleen een uitmuntend wetenschapper maar ook een begenadigd schrijver. Het erudiete, negentiende-eeuwse Engels maakte het weliswaar vrij taaie lectuur, maar toch is het een plezier om te lezen. In lange, sierlijke volzinnen brengt hij zijn gedachten over, rijkelijk gebruik makend van voorbeelden om zijn redeneringen te staven. Hij besteedt aandacht aan elk detail en verontschuldigt zich regelmatig omdat hij wegens tijdsgebrek niet dieper kan ingaan op een bepaald aspect. Een groot deel van het boek besteedt hij aan het weerleggen van mogelijke kritiek, zoals het ontbreken van overgangsvormen bij de op dat moment bekende fossielen.

De schoonheid van het principe van evolutie door natuurlijke selectie zit in de eenvoud ervan. Darwin legt de vergelijking met het kweken van duivenrassen, een populair tijdverdrijf in die tijd, waarbij het selecteren van individuen met de gewenste kenmerken om verder te kweken op termijn aanleiding geeft tot de meest uiteenlopende vormen en kleuren. Hij verwoordt het principe van natuurlijke selectie als volgt:

Let it be borne in mind in what an endless number of strange peculiarities our domestic productions, and, in a lesser degree, those under nature, vary; and how strong the hereditary tendency is. Under domestication, it may be truly said that the whole organisation becomes in some degree plastic. Let it be borne in mind how infinitely complex and close-fitting are the mutual relations of all organic beings to each other and to their physical conditions of life. Can it, then, be thought improbable, seeing that variations useful to man have undoubtedly occurred, that other variations useful in some way to each being in the great and complex battle of life, should sometimes occur in the course of thousands of generations? If such do occur, can we doubt (remembering that many more individuals are born than can possibly survive) that individuals having any advantage, however slight, over others, would have the best chance of surviving and of procreating their kind? On the other hand, we may feel sure that any variation in the least degree injurious would be rigidly destroyed. This preservation of favourable variations and the rejection of injurious variations, I call Natural Selection.

De precieze mechanismen achter de variatie tussen individuen en de manier waarop die overgeërfd wordt, meer bepaald de dragers van het genetisch materiaal en de recombinatie ervan, waren nochtans nog niet bekend in Darwins tijd. Pas in de twintigste eeuw zouden, door de ontwikkeling van de genetica, de nodige inzichten onstaan in de mechanismen die de variatie tussen individuen beheersen. Die inzichten zouden perfect verenigbaar blijken met natuurlijke selectie, maar Darwin zelf had er dus het raden naar. Toch weerhielden dergelijke moeilijkheden hem er niet van om het principe van natuurlijke selectie te doorgronden. Door nauwkeurige observaties, het uitvoeren van vele experimenten en het voeren van een uitgebreide correspondentie met andere geleerden wist hij zijn ideeën stevig te onderbouwen.

De verdienste van dit boek kan eigenlijk nauwelijks overschat worden. Want hoewel de evolutiebiologie nog een lange weg te gaan had (en nog steeds heeft), is het dit boek dat voor het eerst in de geschiedenis aan een breed publiek het overtuigende antwoord bood op misschien wel de meest fundamentele vraag die de mens bezighield: hoe is de mens, en de rest van het leven op aarde, ontstaan?

Ik kan niet anders dan afsluiten met de vaak geciteerde slotzin, die de schoonheid van de evolutietheorie nog eens mooi samenvat:

There is grandeur in this view of life, with its several powers, having been originally breathed into a few forms or into one; and that, whilst this planet has gone cycling on according to the fixed law of gravity, from so simple a beginning endless forms most beautiful and most wonderful have been, and are being, evolved.

D-Day nadert…

…en D-Day betekent natuurlijk Darwin Day! Nu donderdag, 12 februari, is de tweehonderdste verjaardag van Charles Darwin, en één van de twee redenen waarom 2009 tot Darwin-jaar is uitgeroepen (de andere is de honderdvijftigste verjaardag van de publicatie van On The Origin Of Species). Over gans de wereld zijn er honderden initiatieven op touw gezet om dit te vieren.

Het Natural History Museum in Londen organiseert een grootse Darwin-tentoonstelling, die nog loopt tot 19 april. Dichter bij huis opent het Museum voor Natuurwetenschappen te Brussel op 12 februari een nieuwe vaste tentoonstellingsruimte, de Galerij van de Evolutie. Vanaf de dag nadien, 13 februari, is ze toegankelijk voor het publiek.

Eveneens op 12 februari zal, zoals Nature wist te melden, de bekende geneticus Svante Pääbo tijdens een congres in Chicago de eerste resultaten presenteren van de analyse van het genoom van de Neanderthaler! Later dit jaar zal een eerste versie van het volledige genoom worden gepubliceerd, een mijlpaal in het onderzoek naar de evolutie van de mens en zijn naaste verwanten (hiernaast een Neanderthaler-schedel, foto: Wikipedia).

Een ander initiatief is de Tree of Life, een website waarop de grote stamboom van het leven op een interactieve manier kan bekeken worden. Op die website vind je ook dit korte filmpje, waarin Sir David Attenborough de ontwikkeling van die stamboom in vogelvlucht presenteert:

Ook heel wat wetenschappelijke tijdschriften doen hun duit in het zakje. De twee grote kanonnen, Nature en Science, geven het goede voorbeeld. Op de website van Nature is er een rubriek Darwin 200 met artikels over het thema. Science bracht vorige week een speciale editie van het tijdschrift uit, maar startte begin dit jaar ook een blog met als titel Origins. De eerste bijdrage op die blog (8 januari) begon trouwens met de uitspraak Had Charles Robert Darwin had access to the Internet, he would have been a blogger. Het is maar dat u het weet!

Ook het medische tijdschrift The Lancet heeft een speciale uitgave over Darwin, getiteld Darwins Gifts, die je hier kan lezen. Maar ook buiten de vakliteratuur wordt er over Darwin geschreven ter gelegenheid van zijn tweehonderdste verjaardag. Focus, een wetenschaps- en technologiemagazine van BBC heeft eveneens een Darwin 200-editie, met bijdragen van onder meer Richard Dawkins en PZ Myers. En ook de Nederlandstalige editie van National Geographic Magazine heeft deze maand een themanummer over Darwin. En zo kunnen we nog wel even doorgaan.

Met al die lectuur zou je misschien nog vergeten dat Darwin zelf ook het een en het ander geschreven heeft. Daarover later meer!

De roze Galapagos-landleguaan

Om het Darwin-jaar 2009 gepast in te zetten, ga ik het in dit eerste berichtje van dit jaar hebben over leguanen op de Galapagos-eilanden!

De leguanensoorten die voorkomen op deze eilandengroep zijn allemaal endemisch, of anders gezegd: ze komen nergens anders ter wereld voor. Behalve de zeeleguaan (Amblyrhynchus cristatus) vind je er ook nog de landleguanensoorten Conolophus pallidus en Conolophus subcristatus.

Roze Galapagos-landleguaan - foto Gabriele GentileNaast deze twee soorten bestaat er echter ook nog een landleguaan met een bijzonder roze kleurpatroon. Deze is erg zeldzaam, en werd pas voor het eerst waargenomen in 1986. Darwin kreeg deze beestjes dus nooit onder ogen. Nieuw genetisch onderzoek heeft nu aan het licht gebracht dat deze dieren een aparte soort vormen. Het onderzoek wordt volgende week gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift PNAS. Een wetenschappelijke naam moet nog worden gegeven in een latere publicatie, waarin de soort formeel beschreven zal worden.

De soort moet ongeveer 5,7 miljoen jaar geleden zijn afgesplitst van de overige landleguanen. De twee andere soorten landleguanen zijn veel sterker aan elkaar verwant. De onderzoekers schatten dat er van de roze landleguaan nog minder dan 100 exemplaren zijn, waarmee ze meteen aan de lijst van bedreigde diersoorten mogen worden toegevoegd.

Bron:
Gabriele Gentile, Anna Fabiani, e.a. (2009). An overlooked pink species of land iguana in the Galápagos. PNAS 106: online edition.

The Genius of Charles Darwin

Richard Dawkins presenteert een driedelige serie over Charles Darwin op de Britse televisiezender Channel 4. Het eerste deel was afgelopen maandag te zien. De titel van de reeks, The Genius of Charles Darwin, spreekt voor zich. Geniet mee van het relaas van deze gepassioneerde wetenschapper over zijn grote voorganger uit de negentiende eeuw.